Afvalstoffen

Vooraleer we gaan opbouwen, zullen we eerst een stukje moeten afbreken. Ik vraag me af of we veel van onderstaande gevaarlijke afvalstoffen zullen tegenkomen.

Het kabinet van minister Van Mechelen heeft op 8/9/2005 op de Matexpo-beurs aangekondigd dat de minister selectief slopen wil bevorderen. De Vlaamse Confederatie Bouw (VCB) juicht dit toe. Bij sloopwerken komen geregeld materialen vrij met een nefaste impact op gezondheid en leefmilieu. Nu worden slopers hierover nauwelijks geïnformeerd. Zij lopen dus belangrijke risico’s. Zo zijn er in België jaarlijks zo’n 240 asbestdoden te betreuren. Ook voor de bouwopdrachtgevers is het riskant dat bij sloopwerken gevaarlijke afvalstoffen in het leefmilieu terechtkomen. Zij kunnen hiervoor mede aansprakelijk worden gesteld. Om de aannemers bij het selectief slopen te ondersteunen heeft het kabinet modelbestekken en –inventarissen in het vooruitzicht gesteld.


In de Vlaamse bouwsector komen bij bouwwerken jaarlijks zo’n 60.000 ton gevaarlijke afvalstoffen vrij. Het gaat niet alleen om PCB’s, teerhoudende stoffen en materialen en asbest. Sedert dit jaar worden ook asbestcementplaten, asbestleien, asbesttegels en andere bouwmaterialen met hechtgebonden asbestvezels als gevaarlijke afvalstoffen beschouwd.


Gevaarlijke afvalstoffen komen in belangrijke mate vrij bij de uitvoering van sloopwerken en meer in het bijzonder bij de afbraak van voormalige industriële sites. Voor de sloper zijn zij niet altijd gemakkelijk herkenbaar en identificeerbaar. Vaak blijken de gevaren pas na een grondige analyse van het te slopen gebouw. Doorgaans kent de opdrachtgever beter de voorgeschiedenis van het gebouw dan de aannemer. Hij is dus best geplaatst om de sloopfirma’s op voorhand een inventaris te bezorgen van de gevaarlijke en andere afvalstoffen die in het gebouw aanwezig zijn.


Een dergelijke werkwijze komt zowel de opdrachtgevers als de slopers en het leefmilieu ten goede. Marc Dillen, directeur-generaal van de VCB: “Vooreerst is dit voordelig voor de opdrachtgever. Op basis van de inventaris zal hij van de sloper een preciezere offerte kunnen verwachten. De opdrachtgever zal dan ook een beter inzicht in de sloopkosten krijgen. Op die manier zullen bij de werken zelf minder onaangename verrassingen plaatsvinden. Bovendien zal de sloper door de grotere zekerheid een kleinere risicopremie moeten betalen.


Een inventaris komt ook de gezondheid van de arbeiders ten goede. Asbest was decennia geleden heel populair. Vandaar dat in bestaande gebouwen nog heel wat asbest verwerkt zit. Bij de sloop van deze gebouwen worden de bouwvakkers aan asbest vrijgesteld. Het sloopbedrijf zal des te beter voor zijn arbeiders beschermingsmaatregelen kunnen nemen naarmate het beter is ingelicht over de aanwezige asbest. Op die manier zal de inventaris sterk bijdragen tot een vermindering van het aantal asbestdoden.


Tenslotte is een afvalstoffeninventaris eveneens voordelig voor het leefmilieu. De slopers zullen op basis van de afvalstoffeninventaris de verschillende soorten van afvalstoffen op de bouwplaats kunnen sorteren. Er zal dus minder gemengd afval voorkomen. Dit zal de prijs voor de afvalverwerking doen dalen. Van deze prijsdaling zal uiteindelijk de bouwopdrachtgever mee kunnen profiteren.”


De VCB staat dan ook achter het voorstel van het kabinet van minister Van Mechelen om voor sloopwerken een modelbestek en een modelinventaris voor afvalstoffen in te voeren. Gezien het om een nieuw instrument gaat, moet het wel eerst worden uitgetest. De VCB gaat er mee akkoord dat het sloopbestek en de afvalstoffeninventaris eerst bij een aantal (vooral grotere) projecten wordt uitgeprobeerd vooraleer het via de stedenbouwkundige vergunning wordt veralgemeend.