Schrijnwerker

We zijn op dit moment op zoek naar een goede schrijnwerker voor onze buitendeuren en -ramen.

Onderstaand artikel illustreert onze zoektocht ;)


De Vlaamse schrijnwerkbedrijven kampen met een tekort aan vakarbeiders. Voor 80 % van de schrijnwerkerijen die in de voorbije maanden personeel hebben aangeworven, betekende hun zoektocht een ware lijdensweg. Dit blijkt uit de enquête van Bouwunie. Bouwunie vraagt de overheid meer inspanningen te leveren om werklozen en werkzoekenden op te leiden om aan de vraag naar geschoolde schrijnwerkers te voldoen.

Bouwunie voerde naar jaarlijkse gewoonte een enquête uit bij een representatief samengesteld staal van 200 Vlaamse schrijnwerkers-interieurbouwers. De representativiteit slaat zowel op de bedrijfsgrootte als op de vestigingsplaats.

De bouwconjunctuur blijft voorlopig gunstig, ook in het segment van de schrijnwerkerij. Op het tijdstip van de bevraging (eind mei 2005) had slechts 7 % van de schrijnwerkerijen te weinig werk. Sprekender is dat 30 % van de bedrijven eigenlijk té veel werk had. Dit aanvoelen leefde vooral bij de bedrijven met minder dan 10 werknemers. Bij iets meer dan één op drie bedrijven is het werkvolume verbeterd ten opzichte van drie maanden geleden. 68 % van de bedrijven verwacht dit niveau te behouden voor de komende drie maanden terwijl 22 % van de bedrijven meer werk verwacht. De provincie Oost-Vlaanderen springt eruit. Hier heeft 50 % voldoende werk en 47 % te veel werk. In Antwerpen en Vlaams-Brabant ligt de huidige activiteitsgraad bij zo’n 20 tot 25 % dan weer onder het niveau van enige tijd geleden en voor 17 % van de West-Vlaamse schrijnwerkers ziet de toekomst er zorgwekkend uit.

Geschikt personeel

Dit positieve werkvolume heeft zijn effect op de tewerkstelling in de sector. 21 % van de schrijnwerkerijen heeft onlangs nieuw personeel aangetrokken. 18 % is dit van plan. Het aantrekken van nieuw personeel, en dan vooral van geschoolde schrijnwerkers, is geen sinecure. 68,5 % van de bedrijven ondervindt ernstige problemen bij het vinden van nieuw personeel. Volgens 1 bedrijf op 4 is de situatie nog verergerd ten opzichte van enkele maanden geleden. 80% van de bedrijven die recent medewerkers aanwierven, antwoordden dat het vinden van geschikt personeel een steeds groter probleem wordt.

Ook de prijszetting blijft een pijnpunt voor de sector. In een periode dat de grondstoffenprijzen stijgen en de arbeidskosten enkel toenemen, rekent 68 % van de bedrijven nagenoeg dezelfde prijzen aan.

Andere problemen waarmee de sector geconfronteerd blijft, zijn de laattijdige betalingen: slechts 1 op 10 bedrijven heeft daar minder last van dan vroeger. Dit jaar blijken vooral Limburg en Antwerpen, met respectievelijk 39,4 en 32,4 %, alsook de grotere bedrijven (40 %) het grootste slachtoffer. Daarnaast klagen de bedrijven uit Antwerpen ook meer over de concurrentiedruk in de sector. De sterke aanwezigheid van illegale werkkrachten is daar wellicht niet vreemd aan.

Specialisatie

De schrijnwerksector is een gevarieerde bedrijfstak en laat zich niet onder één noemer vatten. Gemiddeld voeren de schrijnwerkers 2,6 activiteiten uit. Vorig jaar waren dat er nog gemiddeld 3,6. Het aantal schrijnwerkers dat een welbepaalde activiteit uitoefent, is ook afgenomen, wat op een specialisatietendens wijst.

Terwijl het binnenschrijnwerk bij zowat alle categorieën van bedrijven tot de activiteiten behoort, zijn het vooral bedrijven zonder personeel en met 5 tot 10 werknemers die buitenschrijnwerk doen. Bij de grote bedrijven zakt dit percentage onder de 50 %. De grote bedrijven en de bedrijven met enkele personeelsleden scoren hoger op meubels en keukens. Indien we de activiteiten rangschikken naar omzet, krijgen we dezelfde top 3.

Slechts 54% van de bedrijven profileert zich nog als "algemene schrijnwerkerij". Meer en meer bedrijven komen met hun specialiteiten naar buiten. 24 % van de bedrijven als interieurinrichter, 15 % als gespecialiseerde schrijnwerkerij.

Zowat alle schrijnwerkers zijn goed thuis op de particuliere renovatiemarkt (88 %) en in de particuliere nieuwbouw (74,1 %). Toch blijven de grotere bedrijven op deze markten beduidend meer afwezig. Zij spelen vooral in op de kansen die de projectmarkt en de overheidsmarkt bieden. Terwijl in totaliteit respectievelijk 32,8 % en 12,4 % van de bedrijven aanwezig zijn op deze twee markten, ligt het aandeel van de grote bedrijven hier op respectievelijk 63 % en 22,2 %. Het lijkt er meer en meer op dat ieder zijn plaats zoekt op de markt. Het aandeel van de renovatiemarkt wordt daarbij steeds groter. De schrijnwerkbedrijven genereren nu al dubbel zoveel omzet uit renovatie dan uit de nieuwbouwmarkt. Dat de projectmarkt vooral het speelterrein is van de grote bedrijven wordt nogmaals benadrukt in de omzetcijfers: deze markt is voor hen goed voor 30 % in vergelijking met een algemeen gemiddelde van 14,5 %.

In Vlaanderen zijn zo'n 8.000 schrijnwerkerijen actief: 5.000 zelfstandigen en 3.000 bedrijven met personeel die samen 14.000 arbeiders tewerkstellen. De sector geeft dus werk aan 19.000 personen.